Yes, ik behoor tot een meerderheid!

Yes, ik behoor tot een meerderheid!

Goed nieuws! Het is eindelijk zover! Ik behoor tot een meerderheid! Eindelijk! Toch is het nog niet de meerderheid waarop ik gehoopt had, maar goed. Het is een begin!

Laten we eerlijk zijn. Er zijn niet zoveel schrijvende en fotograferende huisvaders te vinden. Dat is niet gelijk aan het idee of de gedachte dat er helemaal geen huisvaders te vinden zijn. Laten we eerlijk zijn, er zijn nu eenmaal niet veel huisvaders te vinden. De huismoeders daarentegen…

Twee procent

Op het gebied van de huisvaders zijn we over het algemeen (nog) geen winnaars. Laten we uitgaan van een voorzichtige schatting van ongeveer twee procent. Twee procent.

Dus, nee, op het gebied van het huisvaderschap ga ik het niet winnen. Waar dan wel?

Ik stem op een partij waarvan ik denk dat deze het goed zou kunnen “regelen.” Het is altijd lastig om dit vooraf te bepalen. Achteraf trouwens ook, wanneer de partij geen onderdeel heeft uitgemaakt van de regering. De partij waarop ik stem wist tijdens de laatste verkiezingen meer zetels te behalen dan ervoor. Desondanks is het een partij die niet tot de grootste partijen gerekend mag worden. Ook op dit gebied ben ik dus geen winnaar.

Geen dieren

Het gaat goed zo. Dit alles was bedoeld om mezelf een hart onder de riem te steken. Langzaamaan realiseer ik me dat ik op veel vlakken bestempeld kan worden als lid van een minderheid. Zo ook op het gebied van voedsel. Dan gaat het om de keuzes die ik maak. Bijvoorbeeld door geen dieren te eten. Daarmee behoor ik niet tot de meerderheid. Laten we het erop houden dat er ongeveer 800.000 mensen te vinden zijn in Nederland die geen dieren eten.

Toch mag ik best claimen een winnaar te zijn. Sterker nog, ik mag zelfs schrijven en verkondigen dat ik de meerderheid vertegenwoordig. Dat Nederland van mening is dat er minder of zelfs helemaal geen vlees meer gegeten moet worden. Of dat de werkende Nederlandse bevolking in het teken staat van de verbeterde positie van de vrouw.

Dat doe ik alleen niet. Ik weet heel goed dat de zaken waarover ik geschreven heb niet weerspiegelen hoe het eraan toe gaat in onze samenleving. Zo moeten vrouwen in sommige gevallen nog steeds genoegen nemen met minder grote kansen op de arbeidsmarkt en een lager salaris.

Voor het gedeelte over het eten van dieren geldt dat niet iedereen er zo over denkt. Dat geldt ook voor het stemgedrag.

Yes, ik behoor tot een meerderheid!

Toch zou ik kunnen zeggen: Yes, ik behoor tot een meerderheid! Zelfs wanneer dit niet zo is. Dat schijnt zo te zijn wanneer we het hebben over COVID-19. Of wanneer we het hebben over het Sinterklaasfeest. Zelfs wanneer we het hebben over het stemgedrag van de Nederlandse bevolking.

Niet iedereen is van mening dat COVID-19 of corona iets is dat je serieus moet nemen. Aangezien het gisteren Mondkapjesdag was, dankzij de introductie van een maatregel waarbij je in nagenoeg alle binnenruimten een mondmasker moet dragen. Het was daarom volgens sommige mensen een goed idee om je daartegen te verzetten. Natuurlijk was Twitter daarvoor hét medium. Allerlei ondernemingen moesten geboycot worden en men zou daags voordat het allemaal inging wel eens ter plekke laten zien wat men ervan vond. Dat zou dan wel moeten leiden tot die volksopstand waarover men al maanden praat.

Zelf was ik vandaag in de supermarkt. Daar zag ik toch echt geen protest. Netjes droegen mensen een mondkapje. Wat blijkt? De meeste mensen in Nederland staan – soms met tegenzin – achter deze maatregel (bron). Dat geldt ook voor een ander beladen onderwerp.

Mag ik mezelf dan beschouwen als een lid van de meerderheid? Heb ik dan eindelijk wat gewonnen? Om het te vieren kocht ik vandaag extra mondkapjes. Mondriaan, Van Gogh… dat soort motieven.

Er valt meer te vieren. Als het gaat om dát feest in december met die oude man is inmiddels de meerderheid van Nederlanders overtuigd van het nut van verandering. 65 procent was nog tegen verandering, twee jaar geleden. Inmiddels is dit nog maar 39 procent (bron).

Wat nu jammer is, de minderheid presenteert zich als de meerderheid. Misschien moest ik ook maar eens hard gaan roepen dat ik als huisvader “Nederland” ben, zoals zij dit doen.

Of misschien moest ik maar weer eens gaan stofzuigen. Wat weet ik er nu vanaf?

Geef een reactie